Beleid & bestuur

Keniaans immigratiebeleid maakt scherpe ommezwaai: van sluitingsbevel naar nalevingstermijn van 90 dagen, Burundische straatverkopers eerst getroffen

De Keniaanse president Ruto gaf opdracht kleine bedrijven van immigranten te sluiten, wat paniek en een uittocht veroorzaakte. De regering draaide daarop terug met een hersteltermijn van 90 dagen en verdedigde het beleid door te verwijzen naar het protocol inzake de gemeenschappelijke markt van de Oost-Afrikaanse Gemeenschap.

0 weergavenLog in om op te slaan
TRUTH ERA

Nairobi beleefde binnen minder dan een week een bijna ontspoorde ommezwaai in het immigratiebeleid.

Volgens Africa News heeft de Keniaanse president William Ruto onlangs bevolen kleine bedrijven van immigranten te sluiten. Zodra het bevel werd uitgevaardigd, veroorzaakte dit in het land wijdverspreide paniek, waarbij honderden Burundiërs naar hun ambassade stroomden om repatriëring te zoeken. Burundische straatventers vormen een belangrijke immigrantengroep die in kleine handel in Nairobi werkzaam is. Toen het administratieve bevel tot 'volledige sluiting' de straat bereikte vóór enige verduidelijking, was paniek in plaats van naleving hun eerste reactie.

Volgens Africa News breidde de paniek zich snel uit naar een breder vlak: Ruto's sluitingsbevel deed bij buitenstaanders de vrees ontstaan dat Kenia het recente xenofobe geweld in Zuid-Afrika zou kunnen herhalen. Tegen deze achtergrond bood de Keniaanse viceminister van Buitenlandse Zaken publiekelijk zijn verontschuldigingen aan. Het kantoor van de president maakte vervolgens bekend dat binnen de komende 90 dagen een 'ordelijke nalevingsoperatie' zou worden uitgevoerd, waarbij buitenlandse werkenden hun immigratie-, werkvergunningen, registraties en bedrijfslicenties in orde moeten brengen.

De Keniaanse minister van Buitenlandse Zaken, Musalia Mudavadi, heeft dit verduidelijkt door te stellen dat "Kenia buitenlanders niet volledig heeft verboden om kleinschalige handel te drijven, maar ervoor zorgt dat hun deelname in overeenstemming is met het protocol inzake de gemeenschappelijke markt van de Oost-Afrikaanse Gemeenschap en de toepasselijke binnenlandse wetgeving". Hij voegde daaraan toe dat Kenia een open houding aanneemt tegenover zowel kleinschalige als grootschalige handel door buitenlandse onderdanen, op voorwaarde dat "wordt voldaan aan de immigratie-, werkvergunning-, registratie- en licentievereisten", en dat de Keniaanse aanpak derhalve "eerder regulerend dan discriminerend" is.

De kloof tussen het 'nalevings- en reguleringsverhaal' en het oorspronkelijke sluitingsbevel heeft echter al een merkbare impact gehad op de kwetsbare immigrantengroepen die voor hun levensonderhoud afhankelijk zijn van straathandel: honderden Burundiërs stroomden in paniek naar de ambassade om repatriëring te zoeken, waarbij vertrekken in plaats van naleving de enige zichtbare optie was waarmee zij werden geconfronteerd bij het administratieve bevel. Het oorspronkelijke bevel werd uitgevaardigd zonder duidelijke richtsnoeren, wat de immigrantengroepen in deze situatie bracht. Het valt nog te bezien of de hersteltermijn van 90 dagen daadwerkelijke, haalbare verlichting kan bieden aan de straatverkopers die reeds door de paniek zijn getroffen.

Iets ironischer is dat de Keniaanse autoriteiten zich voor hun beleid beroepen op het protocol inzake de gemeenschappelijke markt van de Oost-Afrikaanse Gemeenschap — terwijl dit protocol zelf juist tot doel heeft het vrije verkeer van personen en kapitaal in de regio te bevorderen. Onder de noemer van 'naleving en regulering' beperkingen opleggen aan kleine grensoverschrijdende handelaars vertoont een duidelijke spanning met de oorspronkelijke opzet van dit regionale integratiekader. De kloof tussen deze juridische toezegging en de feitelijke uitvoering vormt de kern van het huidige geschilpunt.

Reacties

0

Nog geen reacties. Begin de discussie.